Dukkah is een eeuwenoude Egyptische specerijenmelange waarin geroosterde noten en zaden de hoofdrol spelen. Geen pasta of saus, maar een droge, knapperige mix die je over van alles strooit. Het geheim zit in het kort roosteren, daardoor komen de aroma’s pas echt vrij, en in grof malen, zodat er beet in blijft.
Bereiding
- 1
Rooster de hazelnoten 6–8 minuten in een droge koekenpan op middelhoog vuur tot ze geuren en licht kleuren. Laat ze afkoelen en wrijf het meeste vlies eraf met een schone theedoek.
- 2
Rooster in dezelfde pan het sesamzaad en de zonnebloempitten kort tot goudbruin, let op, dit gaat snel. Schep ze uit de pan.
- 3
Rooster tot slot het koriander- en komijnzaad een halve minuut tot ze geuren. Zo komen de etherische oliën vrij.
- 4
Doe de afgekoelde noten in een keukenmachine of vijzel en hak ze grof. Voeg de zaden, kruiden, peper en zout toe.
- 5
Pulse of stamp tot een grove, korrelige melange, maal niet door tot pasta; de olie uit de noten maakt het anders klef.
- 6
Bewaar in een goed afgesloten pot en gebruik binnen enkele weken.
Tips
- Klassiek dip je brood eerst in goede olijfolie en daarna in de dukkah.
- Lekker over geroosterde groenten, gekookt ei, hummus of yoghurt met een scheutje olie.
- Varieer met amandelen of pistaches in plaats van hazelnoten.





